Geschiedenis opduwers

Opduwers werden gebouwd van ca 1910 tot 1940. Ze werden gebruikt voor het opduwen van tjalken, klippers en andere grote zeilschepen. De opduwers werden in de meest noordelijke provincies van ons land gebruikt, o.a in de veenkolonien voor het duwen van turfschepen. Toen de motorisering van de binnenvaart plaats begon te vinden kon de schipper kiezen uit twee opties:

optie 1 was een motor in het ruim van het zeilschip. Dit had echter twee nadelen, ten eerste was het toendertijd belastingtechnisch meteen een motorschip en moest per meter lengte veel meer belasting worden betaald. Ten tweede was er dan minder ruimte voor de vracht en het verblijf van de bemanning, ook waren de motoren in die tijd nog heel erg onderhoudsgevoelig.

optie 2 was een opduwer.  Deze was relatief kort en kostte dus minder belasting. In windstille periodes werd de opduwer achter het schip gebonden en het kon het opduwen beginnen, in periodes met veel wind werd er weer gezeild en hing de opduwer aan het schip vast en was het een bijbootje geworden dat verder niets deed.

De volgende foto laat een opduwer en een turfschip zien.
De schipper en familie woonde tussen de turfblokken in, de opening van hun verblijf is goed te zien aan de zijkant van het schip. Met lange vaartochten was de opduwer onbemand en werd er gestuurd op het turfschip.